Aannemer moet aantonen dat aan de regelgeving is voldaan?

De officiële samenvatting van het wetsvoorstel omvat onder andere de tekst “Bij de oplevering van het bouwwerk moet de aannemer aantonen dat aan de regelgeving is voldaan”. De grote vraag is hoe?

De gemarkeerde omschrijving is gebaseerd op amendement nr. 17. Dit amendement regelt de verplichting van een door de aannemer aan het bevoegd gezag over te leggen dossier:

De eisen zijn als volgt verwoord:

“Artikel 757a

In geval van aanneming van een bouwwerk legt de aannemer bij de kennisgeving dat het werk klaar is om te worden opgeleverd, bedoeld in artikel 758 lid 1, een dossier aan de opdrachtgever over met betrekking tot het tot stand gebrachte bouwwerk. Het dossier bevat gegevens en bescheiden die volledig inzicht geven in de nakoming van de overeenkomst door de aannemer en de te dien aanzien uitgevoerde werkzaamheden en bevat in ieder geval:

a) tekeningen en berekeningen betreffende het tot stand gebrachte bouwwerk en de bijbehorende installaties, en een beschrijving van de toegepaste materialen en installaties, alsmede de gebruiksfuncties van het bouwwerk; 

b) gegevens en bescheiden die nodig zijn voor gebruik en onderhoud van het bouwwerk.”

Met gegevens en bescheiden moet dus aantoonbaar worden gemaakt dat de overeenkomst is nagekomen.

Artikel 7ab lid 4 omschrijft de eisen in relatie tot het in gebruik nemen.

“4. Onverminderd artikel 2, worden bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het eerste lid, regels gesteld met betrekking tot het in gebruik nemen van bouwwerken als bedoeld in het eerste lid. Tot die regels behoort in ieder geval de verplichting om voor het in gebruik nemen van het bouwwerk aan het bevoegd gezag een dossier te overleggen dat inzicht geeft of het gerealiseerde bouwwerk voldoet aan de voorschriften die zijn gesteld bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a, en vierde lid, of artikel 120.”

Uit het dossier moet blijken dat het bouwwerk aan de voorschriften voldoet.

Artikel 7ab lid 4 regelt niet dat het de aannemer is die met een dossier aantoonbaar maakt dat aan de voorschriften is voldaan. In de toelichting op het amendement wordt echter uitgelegd dat het wel de bedoeling is.

Artikel 7ac lid 3 h geeft aan dat bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld welke bescheiden de kwaliteitsborger bij afronding van de werkzaamheden aan de opdrachtgever dient te verstrekken. Wat de kwaliteitsborger doet en hoe is dan ook een een apart spoor van de verplichtingen die voor de aannemer gaan gelden.

De gemeente krijgt straks van de aannemer een dossier met tekeningen, berekeningen enz. plus … een verklaring “Ik aannemer maak hiermee aantoonbaar dat mijn werk aan de overeenkomst en voorschriften voldoet.”

De kwaliteitsborger laat daarentegen aan de opdrachtgever zien wat hij heeft gecontroleerd, zijn verslaglegging.

De gemeente krijgt de taak het opleverdossier (onderdeel van het overdrachtsdossier) van de aannemer te beoordelen om te bepalen of de bouwactiviteiten ook daadwerkelijk aan de overeenkomst en voorschriften voldoen. De grote vraag is hoe? De relatie tussen tekeningen, berekeningen – gegevens en bescheiden – in relatie tot het gerealiseerde werk is niet vanzelfsprekend. Is het ook zo gemaakt? Is daar bewijs van? Is het volledig? Zijn er wijzigingen, afwijkingen? Wie zal het zeggen? De externe kwaliteitsborger misschien? Krijgt die als extra taak de controle op het opleverdossier van de aannemer? Dan moeten we dossiers naast elkaar gaan leggen, hebben we het over dezelfde tekeningen en berekeningen, hoe zit het met het bewijs?

Het cruciale punt is dat de waarde van gegevens en bescheiden die de aannemer moet gaan aanleveren afhankelijk is van betrouwbare kwaliteitsborging. Een dergelijke systematiek geldt voor de aannemer niet.

De eisen die gaan gelden voor het opleverdossier worden nog bij algemene maatregel van bestuur uitgewerkt. Wat mogen we daar van verwachten? Het meest voor de hand liggend is dat het over de volledigheid van informatie zal gaan. Het ligt niet voor de hand dat de aannemer nog even een systematiek van kwaliteitsborging wordt voorgeschreven. Dat zou ook lastig zijn want het brengt ons weer op het hoe dan?

Dit onderdeel van het wetsvoorstel is nog onduidelijk. Met de informatie die we op dit moment hebben is het maar de vraag of die onduidelijkheid wordt weggenomen. Misschien is het ook helemaal niet de bedoeling.

Het is vooral lastig in relatie tot de – terug van weggeweest – controletaak van gemeenten. Achteraf, bij oplevering, gebaseerd op een dossier van de aannemer, oordelen of aan de overeenkomst en voorschriften is voldaan lijkt me beperkte waarde hebben. De relatie met het werk van de externe kwaliteitsborger ontbreekt.

Dat gezegd hebbende … zo is het bedacht en zo gaat de Eerste Kamer er binnenkort over oordelen.

Eén ding is naar mijn bescheiden mening zeker: op dit moment kan niemand u nog precies vertellen hoe het straks op dit onderdeel zit. Dat maakt het extra spannend en … het is voer voor juristen.