Minister Ollongren beantwoordt vraag over kwaliteitsborging

Op 23 januari 2018 beantwoordt minister Ollongren de vragen van Kamerleden Koerhuis, Wiersma en El Yassini over het bericht ‘Ernstig tekort aan bouwvakkers dreigt nu de economie weer bloeit’.

In de beantwoording geeft de minister aan te bezien op welke wijze de behandeling van het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen kan worden hervat. Tevens geeft de minister aan dat, in afwachting van het voorziene stelsel, gemeenten en private partijen overleg voeren om te komen tot afspraken om ook de komende tijd de kwaliteit van bouwwerken te kunnen blijven borgen.

Hervatten behandeling

De bewoordingen zijn duidelijk. Er wordt gezocht naar een manier om verder te komen met het wetsvoorstel. De draad wordt op enig moment weer opgepakt.

Kwaliteitsborging op dit moment

Het tweede deel richt zich op hoe kwaliteitsborging nu is georganiseerd. Kamerleden hebben gevraagd hoe de minister gaat voorkomen dat het tekort aan bouwvakker ten koste van kwantiteit en vooral kwaliteit gaat.

De oplossing wordt gezocht in de inzet van private partijen om in samenspraak met gemeenten, gebaseerd op te maken afspraken, er voor te zorgen dat de kwaliteit is geborgd. Het antwoord geeft blijk van het feit dat kwaliteitsborging op dit moment niet op orde is. Overleg om tot afspraken te komen is immers gaande. Het antwoord zegt niets over de wijze waarop dergelijke afspraken de garantie gaan bieden dat de kwaliteit wel goed is geborgd. Of, waar, hoe en met wie er afspraken worden gemaakt is niet publiek bekend.

Schaak

Gemeenten en private partijen beschikken momenteel niet over de capaciteit om de controle op het voldoen aan de bouwvoorschriften – voor de bouw in totaliteit – te organiseren. Hiermee is de melding van onze minister van zéér betrekkelijke waarde. Het huidige stelsel verandert voorlopig niet. Gelet op de wens om het wetsvoorstel verder te brengen wordt er niet geïnvesteerd in verbetering van het gemeentelijk toezicht. Het is dan ook schaak, er is momenteel beperkte bewegingsruimte en het is heel goed kijken naar de volgende stap.

Het is ook best lastig. De minister en Tweede Kamer willen op de ingeslagen weg verder. De Eerste Kamer niet. Het probleem van het ontbreken van de capaciteit voor kwaliteitsborging is genoegzaam bekend. Dit punt is, om het niet nog eens extra moeilijk te maken, min of meer geparkeerd. Minister en Kamerleden waren en zijn op de hoogte dat je dit niet even snel oplost, ook niet binnen de eerder voorgestelde termijnen voor gefaseerde invoering van de wet.

Blijft de minister vasthouden aan het wetsvoorstel in de huidige vorm dan acht ik de kans groot dat er op korte en middellange termijn niet veel verandert op het gebied van kwaliteitsborging.

Dat gezegd hebbende, er zijn altijd oplossingen …

Lees hier de beantwoording van de betreffende Kamervragen.