Vragen Eerste Kamer Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Dit betreft de vragen van 8 maart 2019 aan minister Ollongren.

Ik ben met de markeerstift aan de slag gegaan en heb de vragen onderverdeeld in punten gerelateerd aan het bestuursakkoord met VNG en de rest. De rest, vooral vragen gericht op verduidelijking, is goed voor 25% van het totaal aantal vragen. Driekwart gaat dus over het bestuursakkoord en welke zekerheden dit akkoord allemaal (niet) biedt.

Dat zijn vragen zoals:

  • Wat is het wettelijk kader voor proefprojecten?
  • Is er nog wel tijd voor proefprojecten?
  • Hoe zit het met de evaluatie van proefprojecten?
  • Moeten we de meer risicovolle bouwactiviteiten hier niet in betrekken want daar zitten toch juist de problemen?
  • Er kunnen ook nu proefprojecten worden uitgevoerd, waarom eerst de wet accorderen?
  • We willen evaluatie van proefprojecten betrekken in besluitvorming maar dat kan nu niet, hoe wel?
  • Het is allemaal niet echt ‘smart’ geformuleerd, waarom niet?
  • Zijn er straks wel genoeg kwaliteitsborgers?
  • Enz enz.

De vragen zijn terug te brengen naar de inactiviteit van de minister, het niet treffen van voorbereidingen conform de setting van de wet. Hier is al eerder op gewezen maar is niets mee gedaan, dat was allemaal niet nodig.

Een belangrijk criterium is dat vóór inwerkingtreding er voldoende vertrouwen dient te bestaan dat invoering van het stelsel leidt tot betere bouwkwaliteit tegen aanvaardbare kosten. Als de minister vasthoudt aan evaluatie van het ‘overeengekomen’ aantal proefprojecten 6 maanden voor invoering (van gevolgklasse 1) per 2021, dan kan hier niet meer aan worden voldaan. Er is niet gedefinieerd wat “betere kwaliteit tegen aanvaardbare kosten” is.

Zoals nu voorgesteld hebben we in dat akkoord nagenoeg geen toetsbare criteria.

Omdat er nog geen aanstalten worden gemaakt zijn de vragen zeer terecht. Het bestuursakkoord regelt geen inhoudelijke rol voor gemeenten, een rol die gemeenten bindt. Dit betekent dat hier geen zekerheid uit volgt. Het met lagere regelgeving organiseren van de informatiepositie, de risicobeoordeling en een dossier, maakt dit niet anders. Het zegt helemaal niets over wat gemeenten hier straks mee gaan doen.

Stellen dat het allemaal wel goed gaat komen met het bestuursakkoord in de pocket is niet correct. Het akkoord krijgt vooralsnog geen invulling, is niet (meer) haalbaar, het heeft geen wettelijke basis en … is nagenoeg niet toetsbaar.

De minister doet wat zij kan dus meer zit er op dit moment niet in.

Het meest ernstige aan de gang van zaken is uiteraard dat we weten waar de echte risico’s zitten en waar je ook zo spoedig mogelijk gericht actie op moet nemen, wat ook simpel kan, maar dat gebeurt niet. In plaats daarvan gaan we misschien tzt aan de slag met wettelijke kwaliteitsborging op bouwactiviteiten met een zeer beperkt risico. Het is als je tuin gaan schoffelen terwijl je huis in brand staat. De Wet kwaliteitsborging wordt als oplossing voor problemen met bouwkwaliteit getrakteerd. Daar gaat die wet helemaal niet over.

Ik ben dan ook heel benieuwd wat de minister op de vragen van de Eerste Kamer gaat antwoorden. Er zijn, naar mijn mening, geen antwoorden op te geven die hout snijden. Dan kom je toch bij “U moet er op vertrouwen … het komt allemaal goed, echt, daar kunt u mij aan houden, nou ja, mijn opvolger dan … straks … waarschijnlijk. Zeg nu maar ja.”

Hoop is geen plan beste mensen.

Dat gezegd hebbende … wetende dat de politiek niet te porren is voor gericht sturen op de risico’s die we nu ervaren met bouwkwaliteit, ik heb het geprobeerd en blijf het proberen!, is de Wet kwaliteitsborging, ondanks dat het een draak is, het best haalbare op dit moment.

Elke kleine stap is beter dan het grootste voornemen dus mijn advies aan de Eerste Kamer zou zijn zeg ja onder de volgende voorwaarde: maak voor ons concreet en toetsbaar hoe voor inwerkingtreding er voldoende vertrouwen bestaat dat invoering van het stelsel leidt tot betere bouwkwaliteit tegen aanvaardbare kosten.

Voor minister Ollongren heb ik als advies: de laarzen aan en helm op, ga uit dat enge gebouw met die gevaarlijk vloeren, ga eens met wat mensen in het veld praten. Het is mooi dat ‘we’ het ene ‘bouwen deal’ na de andere sluiten … neem bouwkwaliteit aub serieus. Dat moet echt beter, en snel.

PS

Ik ben blij verrast met de vragen van de Eerste Kamer. Men heeft goed in de smiezen waar het met deze wet en de beoogde invoering wringt.

Lees hier de brief van de Eerste Kamer van 8 maart 2019.

Leestip! Blogs mbt dit thema: Bestuursakkoord BZK en VNG | Start de proefprojecten Wkb: NU | Ollongren over de Wkb: “Ik doe wat ik kan”.